Organizations
Keywords
There are no Keywords that match this search
Danish Keywords
There are no Danish Keywords that match this search
Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords
There are no German Keywords that match this search
Icelandic Keywords
There are no Icelandic Keywords that match this search
Place Mentioned
There are no Place Mentioned that match this search
Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender
There are no Narrator Gender that match this search
De dominee van het dorp geloofde niet dat Herk Ooievaar uit Berkhout de zwarte kunst verstond. Hij is bij hem op een rookje gegaan en heeft bij hem gegeten. Herk nam een loopje met hem. Als hij zijn pijp wou stoppen, bleef zijn arm krom staan of kon hij zijn vingers niet krom krijgen. Toen hij zou eten, kon hij de lepel niet verder dan tot aan den mond...
Toovenaars.
Je kon de zwarte kunst ook leeren; dan moest je o.a. op een bijbel, waar een sleutel op lag, een eed afleggen, dat je niet in de bijbel geloofde, en er nooit meer in zou lezen.
Volgens de overlevering is er ook een studente die met regelmaat mensen in verwarring brengt. Ze stond ooit met bandenpech op het Zwarte Pad. Niemand hielp haar en vervolgens zou ze zijn vermoord door een zonderling. In zekere nachten verschijnt de geest van het meisje met haar kapotte fiets naast het pad. Misschien toch maar mijden dit sinistere Zwarte Pad.
Wageningen
Iemand ha geschupt naar een zwarte kat. En hij kon 'm nie meer van z'n lijf afhouwe. Die liep 'm overal achternao.
Duivelssagen DE WREKER Te Maastricht woonde een man, die 's nachts tusschen twaalf en éên uur een bezetene scheen te zijn. Had hij tegen dat uur nog vrienden bij zich, dan ging hij al in een hoek van de kamer of tegen den muur staan en riep: ,,Ga weg, in Gods naam, ga weg! Want zoo aanstonds moet ik mij wreken, al is het op mijn besten vriend" Een paar...
'n Meisje wandelde met 'n jongen, die ook geheime kunsten kon.'n Eind in de bossen "moest hij ns uit de boks" 't Meisje zou terwijl doorwandelen. Direkt werd ze gevolgd door 'n grote zwarte hond. Hij beet haar en toen de jongen terugkwam, klaagde ze, dat ze zo bang was geweest. Tegelijk zag ze, dat de jongen de rafels van haar kleed nog tussen z'n tanden...
Bakel
As d'r een vrouw in een huissie, vroeger in Meerkerk en ze had een kind betoverd of zo, dan verbrandden ze dat vrouwgie. En die boeven kropen in dat huissie. As d'r één betoverd was, dan kookten zen een zwarte kip in kokend water. Dan was die toverheks verbrand. Ze vonden wel eens rozen in het hoofdkussen. Dat was ook toverij. Vroeger hebben ze wel eens...
Meerkerk
Van een betooverden molen. Er was ereis een molenaar, dien zijn molen 's nachts maar niet wou draaien. Wat ze er aan deden, het gaf allemaal niets. Geen knecht kon hij houden; want òf ze kwamen verschrikt 's nachts uit den molen vliegen, òf ze bestorven het als ze er een poosje geweest waren. Op een goeden dag komt er een bedelaar aan de deur. "Wil-jij me...
De derde visser Twee mannen uit Wijk-Maastricht hadden samen afgesproken om 's nacht 'opzink' te gaan vissen aan het Papenwater, dat in de Maas uitloopt. 's Avonds om tien uur begaven zij zich daarheen en zagen daar een pont, waarmede de boeren van St. Pieter groenten, mest en andere dingen over de Maas voerden. Zij besloten daarin te gaan zitten, en...
Daar was ook een smid, die de zwarte kunst verstond. Hij vroeg aan zijn knecht: "Wil ik voor de aardigheid die wagen die daar aankomt eens laten stilstaan?" Dat gebeurde. Toevallig zat daar een oud-soldaat, een gewezen dragonder, op. Deze verstond ook de kunst. Hij sprong eraf, liep naar den smid toe en zei: "As je niet weerlichtgauw make, dat we weer weg...
As in bern bitsjoend wie founen se krânsen yn 'e kessens. Dy waerden dan forbrând. Dan moest alles potticht wêze. De tsjoenster krige dan brânwounen oan har.
In tsjoenster foroare har yn in swarte kat.
As wy in swarte kat seagen, seinen wy: "Dêr komt Antsje oan."
DE DUIVEL ALS DIER Heel lang geleden trok een voerman met zijn gerei en een vriend over de Kempische heide. Toen ze voorbij een kruisbeeld kwamen, zette de vriend zijn pet af en zei: ‘Geloofd zij Jezus Christus.’ De voerman die aan God nog gebod geloofde, lachte zijn vriend uit en zei: ‘Je kunt nog beter je pet afnemen voor een hond, dan voor een stuk...
En ook hiervan wil ik graag een voorbeeldje vertellen, dat zich afgespeeld heeft in Steensel, dat is een klein plaatsje bij Eindhoven [ja]. Daar stond vroeger een eeuwenoude lindeboom op een afstand van ongeveer honderd meter van een oude molen in het gehucht Schadewijk. Bij deze lindeboom hielden vroeger de heksen, in gedaanten van zwarte katten,...
DE TWEE BROEDERS Reginald en Waleram waren twee broeders, zoon van den Graaf van Valkenburg, wiens slot zich voor meer dan zeven eeuwen verhief in het Zuidlimburgse heuvelland. Men zag deze jongelingen bijna altijd samen. Het lijken wel tweelingen, zeiden de mensen. Toch waren ze dit niet. Reginald was de oudste. Hij was groot en sterk, en schoon van...
DE HEKSENMOEDER EN HAAR DOCHTER Er was eens een jongeman die danig verliefd was op een knappe boerendochter. De liefde was wederkerig, al stelde het meisje één voorwaarde: de jongen mocht alle dagen komen, behalve op vrijdagavond. De jongen hield zich daaraan, maar op den duur begon hij toch verschrikkelijk nieuwsgierig te worden. En ja hoor! Op een...
Ze was meid, bij de luu, das de heluu. ‘t Is al lank gelee en ‘t was januari , toen de Dilleman de nieuwjaar houd. De boer en de boerinne die reden op een aovond weg met de vaoittonne, de vaoittonne da was een vier wiele hutte met twee perden d’rvoor gespannen. Ze reden op ter Zand, [‘t was de zand]. De lu zelve die woonde op de Zande, bie de Krusdiek....
Ik: "Toch aardig met zukke kollen: dan ben het vliegen, en dan ben het muizen. Je zoudt zeggen: hoe ken het?" Nadort: "Zeg dat wel, mijnheer, maar soms ben het vogels, maar den ben het eigenlijk geen kollen. Dan is het meer zwarte kunst. Uwe weet wel, dat ik ers van de strontkar bij Klaver gevallen ben, en dat me vrouw toe zoo akelig was. Nou, toe had al...
Van ouds af aan ligt Oisterwijk als eenen weligen hof mee schoon geboomte en blinkende waters tusschen den bremrand van de breed omringende hei, die 's zomers als een gouden lijst het levend tableau van Brabant's sierlijkste dorp houdt afgesloten. En was Onze Lieve Vrouw niet zelf in den fluweel beblaarden linde gekomen dan had het volk Haar wel in...
Was es n keer n wichje, dat last kreeg van de zenen. Zai begon er minnelk uut te kiekn en doarumme gung men noar de dokter. Dokter vun niks biezunders en zee, dat heur niet wat mankeerde. Toen gung ze noar een oom en vertelde hum, wat heur eigenlijk hinderde: elke nacht tussen 12 en 2 uur kwam er n zwaart ding op heur af zetn; dat ding sluup de sloapkamer...
Men meldt uit Smilde: Het negenjarige zoontje van een arbeider in deze gemeente was sedert eenige maanden lijdende en kwijnde ziender oogen weg. Er waren er die oordeelden, dat eene boosaardige heks niet vreemd zou zijn aan den treurigen toestand van den knaap. Op zekeren morgen zaten niet minder dan vijf zwarte katten op de deur der schuur, terwijl nog...
Smilde
