There are no Keywords that match this search
There are no German Keywords that match this search
There are no Place Mentioned that match this search
There are no Narrator Gender that match this search
44 Maar ik heb ‘ze lèève’ ook horen zeggen: daar was ook een heks die getrouwd was en daar was ook een heksenman. Het waren niet altijd de heksenvrouwen.46 Je meent altijd dat het een vrouw is, de heks, wùr [lacht].44 Dat was ook een heks.46 Oh, maar dat as ook een heks. Maar Maike!44 Naar het schijnt was daar nog een heksenman. En die man ging overdag overal zien of hij daar ergens iets merkte wat hem vreemd overkwam. En daar moest dan de heks ’s avonds met haar toverstok gaan. En als die dan daar op die plaats kwam en daar kwam een kat of een hond of een vogel en die deed een teken met die stok en die zegt: "Je bent een man." Of: "Je bent een hond," dan veranderde dat door die toverstok, veranderde dat weer in zoiets. Die kon daar evenzeer mee met die stok, behalve haar eigen mee beschermen, want ze is verzopen en verdronken en verbrand.I Ah, dat was die heks van Kanne? [ gelach en door elkaaar gepraat]
wer olljohrsnacht bet klock12 ketel schüert, schüert sik 'n brutmannan. madula - Köchin - facit. singt dorbi. kümmt 'n groten kirl her, is natt west as mess. "du büst de carnally, du hest mi so wit lopen laten (is jo wol 14 mil lopen) . schütt ehr na de wad rin.
Een heks was altij een vra-ens, nooit ne mans-mens. Deurgaans ware het ouw wijven die de kunst van te tovere geleerd hadde van ander hekse.
Te Oekene bestaat er nen toveresseknok. Op den hoek stond er een grote lindenboom. En rond die boom kwamen mannen en vrouwen dansen en zingen rond middernacht. De bewoners hoorden dat zeer goed maar durfden niet nader komen.
De pastoor kos de heksen kennen in de kerk, zegden ze vroeger altijd. Als hij zich omdraaide, en hij zegde: 'Dominus vobiscum', dan hadden alle heksen de biekaar op de kop.
