Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
21 datasets found
Dutch Keywords: veranderen Place of Narration: No name
In Helden-Dorp woonde even vóór mijn tijd een smid, wiens naam ik wel ken, doch niet wil noemen. Diens vrouw was in het dorp verdacht van hekserij. De smid kwam dit ter ore, en stelde een onderzoek in. Het bleek, dat zijn vrouw, als hij zelf gerust sliep, omstreeks middernacht uit het echtelijk bed verdween. Hij, had alleen kunnen constateren, dat ze weg...
Opmerking: onderstaande verhalen komen uit het veengebied van zuid-oost Drente; het bijgeloof heeft er welig getierd blijkbaar en men is nog niet vrij van. (F.W.) Heksen wazzen er nog al wat in t veen. Ie muzzen dr veurzichtig met weezn. Ik weet nog, dat mien zussien ies een appel van zo n hekse kreeg. Mien moe zee: “Wichien, eet um niet op.” Mien moe...
Een spookgeschiedenis Op Dubbeldam loopt het gerucht, dat het spookt op den STEVENSWEG. En zelfs wordt er een vrouw genoemd, die de demonische oorzaak moet zijn der betoovering. Het geval moet zich zoo hebben toegedragen. Een man 's avonds over genoemden weg komend, werd door een vrouw aangesproken om eenig geld. De man weigerde, waarop de vrouw zeide:...
D'r was in Hagestein brand. Toen heb de pastoor de wind late draaie. Want d'r werd gezegd, dat je mense had, die de wind kan late draaie.
En nou iets, dat ik zelf heb gezien en meegemaakt. D'r was hier op een keer een boerderijbrand, 't vuur zat in 't riete dak, 't vuur zat al in de schuur, maar de hooiberg, die wouwe ze nog graag spare. Nou had je hier vroeger een priester die de wind kon laten draaien. Die hebbe ze d'r bijgehaald. En die priester en dat heb ik zelf gezien, die liep om de...
Toveren is een kunst, maar toch waren er in Zeeland mensen, die deze kunst verstonden. Vooral schaapsherder, die de hele dag de tijd hadden om toverboeken te bestuderen, konden meer dan rech toe, recht aan. Een boer van Sint Anna ter Muiden had zo'n scheper in dienst. Andere schaapsherder hielden netjes de dijkwegen en zouden het niet gewaagd hebben in de...
De pastoor kon de wind late draaien.
Je had vroeger bij ons een boerenknecht, die was thuisgehaald bij een boer. Op een avond ging die over de spoorlijn naar huis toe en toen zag die iets. D'r liep een beest voor 'm uit, een soort spookhond. Vroeger was 't een beest, rauw in z'n mond, maar daarna is die kerel helemaal veranderd.
Dat heb ik als heel klein kind zelf nog meegemaakt. D'r was brand midden in 't dorp, een felle brand. We woonden d'r vlakbij, we keke zo in de vlamrne. De brandspuit was toen niet veel, een tonnespuit. Toen hebbe ze pastoor Lejeu erbij geroepen. Die heeft de wind omgeblazen. Daardoor bleef de brand beperkt. Anders was het hele dorp afgebrand.
Het geschenk van een heks Een heks gaf peren mee aan een kind. Zoals alles wat het van een heks kreeg, mocht die het van z'n ouder niet opeten. Toen men de peren na een jaar terugvond, waren ze veranderd in padden.
Mevr. Timmer vertelt dat ze eens in 't donker in Zuilichem naar huis ging, toen een man achter haar liep. Ze was bang en holde verder, toen hij zich in een groote hond veranderde, die steeds achter haar rende, een weerwolf. Hoewel haar verstand zegt dat het niet waar kan zijn, is ze toch innerlijk overtuigd dat het gebeurd is.
En een muis hangen boven de huisdeur, of boven de staldeur, was ook een probaat middel, want u weet misschien wel dat heksen en muizen doodsvijanden van elkaar zijn. Dan tenslotte kon men ook een – met kalk, en dat ziet men in Brabant op het ogenblik nog veel, kon men ook met kalk een kruis schilderen op de – naast de buiten- naast de buitendeur, en dan...
E: In n biebel steet toch ok wa in, dat de geestelikheid dee krig toch ok wa de macht um duwels oet te drievn, ja dee macht kriegt ze ok. Dochter: Ja en no ja, ik verget nooit, dat da'w n keer bie tante Hanna, dat oom Herman n keer zea, oons Hanna zöt der mangs oet, et is mangs heelmoal vot en toe, no ja, toe brein ik dat almoal an mekaar en doe deank ik,...
A.: Gaddamme, wat wol ik der no ok van zegn recht? ... En doe is dat wicht a oardig wat joarn trouwd en heaf dan n eerstn kleann kregn, eerst loopn hef eerst verkering had met Gert Timmerman zien breur en dat leet dan ooldn nich good too, den har zegd: “Ik zee wat in den keerl, den is nich wat vuur die, nich hoogveerdig west, nen eenvoudign keerl. He har...
I. De duivel 3. Kan hij ook wel de gestalte van een dier aannemen? Zo ja, van welk (bok, kater, hond, spin, vlieg enz.)? Vroeger werd er wel verteld dat zekere vrouw van de duivel bezeten was en zich in een kat veranderen kon en dan de mensen betoveren kon.
Ja, om naar de pastoor te gaan, laat 'm de wind maar omdraaien.
Ik was in de militaire dienst en bij ons op de kamer was een jongen die kwam van Dinther, boven Den Bosch. En die vertelde, d'r was een brand geweest in Dinther en de pastoor liet de wind draaien.
Ja, inderdaad, toen ik zo'n jonge waar, dan hoorde je dat d'r teuvere konde. Vooral in Brakel. Ik heb hier in Veen nog een vrouwke gekend, die stond bekend als heks. Je mocht niks aannemen, da was gevaarlijk, da kon ze verandere in een pad of zo. En da weet ik nog van m'n vader. D'r was een hele smalle sloot en daar lag een hord over. Maar dat paard zou...
Dat hek wel geheurd in Ammersoijen. D'r was brand. De wind was aanwindig naar de kerk toe. D'r ware vier huize afgebrand. De wind was aanwindig naar de kerk toe, een dertig meter d'r vandaan. Toen heb de pastoor de wind late draaie.
Da was toen ik in dienst was. D'r was brand in Gellicum. De pastoor liet de wind draaien.