Organizations
Keywords
There are no Keywords that match this search
Danish Keywords
There are no Danish Keywords that match this search
Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords
There are no German Keywords that match this search
Icelandic Keywords
There are no Icelandic Keywords that match this search
Place Mentioned
There are no Place Mentioned that match this search
Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender
There are no Narrator Gender that match this search
Doctor Faustus besprack hem met synen dienaer vanweghen syn testament. ALS nu het testament Doctoris Fausti volbracht was, so riep hy tot hem zijnen dienaer ende hielt hem voor hoe dat hy hem in zijn testament bedacht hadde, omdat hy hem altijt seer wel ghedraghen hadde ende zijne secreten niemant gheopenbaert en hadde. Daerom soo verre als hy noch yet...
Dordrecht
Ik heb ik wil je namelijk meenemen naar het plaatsje Aalst. Daar woonde vroeger een zekere Frans Mikkers. Die Frans Mikkers die diende als landbouwer bij een boer. Wat voor werk de boer zijn knechten ook opdroeg steeds was Frans Mikkers het eerste klaar. Het was onbegrijpelijk en de knechten besloten op zekeren dag om Frans eens extra in de gaten te...
Eindhoven
Hy hie in toverboek. Dat forbrânde er, mar it kom wer. Hy rekke it noait wer kwyt. Syn wiif wie der bang foar.
De sawn duvels sieten allegear mei de koppen bûten it kammenet, de âld man mei de keale kop yn 'e midden.
Doe gong er nei in kamp rogge ta. De rogge is hillich. Dêr smiet er it boek yn. Doe wie er it kwyt.
Jubbega
Ik: "Bizonder, man, bizonder. Maar je zoudt zoo zeggen: hoe kommen die lui an zukke rarigheid, want dat heb je toch, dunkt me, niet van jezelf?" Nadort: "Wat zou het, mijnheer. Ik ken toch niet in uwes plaas staan en de menschen genezen? Nou, zoo moete zullie dat ook leeren." Ik: "Hoe? Kan dat ook al geleerd worden?" Nadort: "Zeker kan dat, maar hoe nou...
Broek in Waterland
Tooverboeken Tegenwoordig hoor je zoo niet meer van tooveren, want die boeken daar ze uit leerden, zijn er niet meer. Zoo was ter een vrouw, en die ging nog al eens helpen werken als er een feest was. Dan ging ze de teelen afwasschen. En als ze die afgewasschen had, dan begonnen die teelen allemaal te dansen. En die wist dat ook uit de boeken. Die had nen...
Ik hie in kammeraetske, dat wie Minke. Op in kear wie ik by Minke en dy yn 'e hûs, doe sei Minke: "Wolst ek ris hwat sjen?" Doe krigen har bruorren in toverboek. Dêr bigongen se yn to lêzen en doe kamen der allegear swarte roeken ta de hurddobbe út. De hiele keamer rekke fol. Sy fladderen dêr mar om. Ik waerd deabinaud. Doe lêsden se itselde achterút en...
Vroeger gingen de wanneer d’r kermis was gingen de boerenknechten en meiden gingen de kermis op en daar waren de boekjes te krijgen. Bij het bij het jeweetwel bij zigeuners [en de boeren ging nooit] de boeren gingen nooit naar de kerk [nee, nee, nou goed]. Het was iets heel eigenaardigs met die toverboekjes, als er nu gewaar werd dat men te ver had...
Eindhoven
Kwoad zain en kwaid doun was vrouger aan de orde van de dag. Ik heb n hoop mensen kend, dei aankeekn wurn veur heksen en spoukkiekers. Bange bin ik nooit west, ik stun ain kerel en desnoods de duvel zulf. Smokkeln heb ik al zoveul doan, dat mie gain mens benauwd muik. Zo trof ik es n moal n vent dei zee: “Pas op, ik bezit et zeuvnde bouk van Mozes.”...
Toverboeken:
Als iemand, in het bezit van een toverboekje, er van af wil, en het wegwerpt, heeft hij op slag weer een nieuw op zak.
'n "Scheeper" had dansende schapen doordat hij een slecht boek bij zich had, uit z'n soldatentijd.
Mijn grootvader diende zijn jonge tijd als knecht bij een boer onder d’n [groene dijk], dat is zoals ge weet een gemeente op ’t [nis]. ’T was een grote boerderij met wel vijftien tot twintig paarden waar koeien en ook had de boer een kudde schapen, wat toen meer de gewoonte was dan nu. Behalve enkele andere knechten was d’r ook een koeier, da’s een...
Als er ’n slecht boek in huis is, krijgt men ongelukken op de stal.
Frijmitselers hawwe in toverboek. Dêr steane allegearre tekens yn dy't frijmitselers allinne lêze kinne.
Feanwâlden
Als iemand zo’n boekje kocht, uh die mocht hij dat zelf niet aanraken, die mocht het dus zelf als ie het kocht niet aanraken door bijvoorbeeld. Eerst moest de verkoper van het boekje, het boekje in de handen hebben en de moest de verkoper zelf het in handen van de koper geven. Maar dan moest eerst die koper het boekje van A tot Z opzeggen. Wanneer hij dat...
Zeevnde boek van Mozes. Dat zit zo. Wie meugt dat boek niet in huus hebben. Dr bint wel mensen, die et doen stiekum en dan schienen ze n zekere macht te bezitn. Er wur vrogger van verteld, dat ze over de daken loopn kunnen. Varder huulpen ze zieke mensen van een kwaaltien af. Zo heb ik een man kend, waar de mensen ook van zeiden, dat ie et boek had....
Werkgeesten: Op de boerderij de Heikamp woonde vroeger een knecht, die ik zelf nog goed gekend heb. Op zekere dag wilde die knecht ’s middags naar Belfeldse kermis. De boer was hier op tegen. Hij droeg hem op, een perceel uitgereden stalmest te gaan breken. Hij dacht: “Hier komt hij vandaag niet mee klaar.” Na een paar uur was de knecht echter terug, en...
[28.22] RH: Nu heb ik een boek waarin eh dus een gat zit als het ware dus dat is een boek en dit stuk [verteller duidt het aan met zijn handen] is eruit gesneden. Dan kun je daar eh voorwerpen indoen je kunt er een prachtige halsketting indoen of edelstenen indoen of sieraden kun je dr in doen. Nu was uhm Coco de kleine dwerg, die was uhm ja dat boek...
Ik, heb ik, ik wou je namelijk meenemen naar een plaatste Aalst, daar woonde vroeger een zeker Frans Mikkens. Die Frans Mikkens die diende als landbouwer bij een boer. Wat voor werk zijn knechten ook opdroeg steeds was Frans Mikkens het eerste klaar. Het was onbegrijpelijk en de knechten besloten op zekeren dag om Frans eens extra in de gaten te houden om...
Heb ie wel es heurd van et darde boek van Mozes? Er bint er zeuvn, moar dat darde is zo huverig. Ik heb et n keer leend en dr in leezn, moar et was benauwd. Ik dacht, doar kik mie ien over de schollers en ik heb et weg smeetn. Moar wie dat darde boek in huus had, kon zuch bescharmen teegn ongelukn. Er stiet bieveurbeeld in: “Heer, bescherm mij tegen mes...
Der wienen ek guon, fortelde ús mem, dy hienen in toverboek. Dêr koenen se soldaetsjes mei út 'e hurddobbe komme litte. Dy bigongen dan moai to marsjearen. Sa'n toverboek rekken se noait wer kwyt. As se 't kwyt woenen moesten se krekt deselde wurden brûke as dêr't se 't mei krige hienen. En dat wisten se meastal net mear. 't Koe net forbrând wurde en ek...
Rottevalle
