Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
40 datasets found
Dutch Keywords: samen Organizations: Meertens Institute
Exempel. Het was een goet man ende een vrouwe, die hadden een langhe wijl die een mitten anderen wel ghelevet. Ende die viant leyde hem mennighe stricke te becoren, mer het en halp hem niet, want si biechten ende beedden ende gaven haer aelmissen ende diende gode vlitelic. Ten lesten becoerdense die viant mit onbescheydenre bedroefnisse, ende en wisten...
In Langerak had je vroeger een tovenaar. Die gaat op een dag met een paar kameraads op de Poort* naar de kermis. Ze hebben een roeiboot. Ze willen gaan varen naar de overkant. Ineens blijft die roeiboot staan. Ze roeie d'r eige bekant kapot. Ze konden niet overkommen. Toen is die kerel, die kon toveren, zelf gaan roeien. Toen ging het wel. Zijn schuld...
As de vrouwe koppele dan krijg je regen. As de padden kruipen: regen.
Exempel. Het saten een deel ghezellen opten asschel woensdach, doemen te missen luudde. Doe sprac die een: „Willen wi gaen ter kerken ende nemen asschen op onze hoeft ?" Doe sprac die ander, ende begonde te spotten, ende zeyde: ,,Ic wil u asschen gheven". Doe quamen hem selven also veel asschen toe, dat hi den mont niet op ghedoen en conste, ende soe waer...
nl-verhalenbank-41834
Twee kaele Fransche aen malkanderen getrouwt zijnde: R. 'Hebben sij oock middelen?' R. 'Oui, ils ont mil écus ensemble. C'est à dire ils ont mis le culs ensemble.'
Van eenen koster en eene kosterin Twee Sint-Bernards-kloosters waren er, niet verre van elkander, 't een was van mannen en 't andere van vrouwen. Allen in de kloosters leefden heilig in een heilig leven naar den regel der orde, en in elk der kloosters was een persoon, koster in het convent. Beiden waren ze vroom en van een geestelijk leven, ze hadden...
Je had vroeger bij ons een boer, een echte stroper. Die had een vriend, die was net eender hand als hij. Op een keer trekken ze d'r op uit. Twee beruchte stropers die voor de duvel niet bang waren. Maar anders gongen ze nooit zundags stropen. 't Waren mensen die zundag hieve. Maar toen die keer zouwe ze zundagsaves gaan strope, met de lichtbak. Affijn ze...
No. 344. Een jongeman en een meisje zagen elkander doodgaarne. De jongen werd ziek en stierf. 's Nachts na zijn dood, kwam hij te paard bij zijn beminde en verzocht haar om mee te gaan. En ze ging mede en zij zat achter hem op zijn zwart paard en hield haar twee armen rond zijn lijf geslagen. Onderweg zei het meisje: "Wat schijnt de maan toch klaar!" De...
’t Huis tegenover ’t trippenhuis te Amsterdam Het geschiedde in den goeden, ouden tijd, toen de deftige heeren nog wel eens een praatje maakten met meschen als gij en ik, dat er aan den Klo- verniersburgwal te Amsterdam door de heeren Trip, een soort onderkoningen in de zeven provinciën, een kasteel van een huis werd gebouwd. De Amsterdammers van die...
Op 'e hoeke fan 'e Houtigehage wennen froeger Sjoerd Frânses jonges, Jan en Auke. Dy wennen dêr mei har heit en mem. Auke en Jan gongen der in bulte togearre op út to mollefangen en to murdejeijen. Op in nacht wienen se togearre op 'e Skieding by de Jankedobbe to murdejeijen. De hounen founen in murd, mar sy woenen net nei dy murd ta. Doe sprong der Auke...
Bij een Jodenfamilie sliep de heele familie samen in een groot bed, vader en moeder met een aantal kinderen in het bed zelf en een daarboven in een krib. Mozesje, die vooraan lag, valt elken nacht uit bed op den grond en weet niet hoe dat komt. Levi, die in de krib leit, zal dus uitkijken. Deze doet dit en merkt, dat het komt, omdat vader en moeder zoo'n...
Hjir op it slot yn Feankleaster hat mynhear Hektor wenne: Hektor van Heemstra. Doe't hy en syn broer Harry beide noch jong wienen, wienen se ris togearre yn it bosk. Doe sei Hektor: "Alles wat ik zie is van mij." Doe sei Harry: "Alles wat ik zie is van mij." Hja hienen beide gelyk, hwant Harry hie de egen ticht wylst er dy wurden sein. Allinne syn broer...
't Is nou zo'n jaar of zestig geleje, ik ging nog op school, toen wier d'r in Polsbroek gesproken van een spook. 't Was puur wit van onderen tot bovenen en 't liep maar te neuriën en te grommen en met z'n armen te zwaaien. 't Bleef op de weg, 't was vervelend. Een kennis van me heb me verteld dat ze met z'n tweeën langs de Benschopse wetering liepe, toen...
Wonderlijke Geschiedenissen uit Friesland Omstreeks het jaar zes en dertig honderd en zestig na het ontstaan der wereld dienden er onder Alexander den Groote drie broeders, Friso, Bruno en Saxo als oversten, die, nadat de koning was gestorven, zeer gehaat waren, en daarom vertrokken, nieuwe landen en avonturen tegemoet. Zij namen niet veel met zich mede,...
Samson, die nae 4 jaeren getrouwt te zijn geweest sijn wijf al moe was, wierdt 's avonds van haer gewaerschouwt dat er tot Joost Bul een schoone papegay te koop was om 10 rijxcdaelders en dat hij er wel ruym 80 waerdig was. Samson wilde daer 's ochtens ten 6 heen, maer sijn wijf hieldt hem noch 2 uyrtjes op. Doe hij quam hadt Trijn Luls de vogel gekocht....
Der was ers een rijk heer en die was in een bosch verdwaald. Hij keek al dus of ie nergens een lichtje zag waar ie overnachten kon, maar hij zag niks. Op lest kwam er een arme man achter op. "Waar gaan jij na toe?" zei de heer. "Wel, ik moet nee de stad, deer de keuning woont," zei de aar. "Nou, dan ganen we samen," zei de heer, "want deer moet ik ook nee...
Heist en Halder Itegem en Balder Herentals en Herenthout Lichtert en Turnhout Gierle en Gorpe Maken samen een stad En negen dorpen. (Rijm uit 't land van Mechelen en de Antwerpse Kempen.) (Corn. I, 188)
Der wie in jong stel. Se wienen op 'e houliksreis yn Switserlân. Hja sieten yn 'e trein. It wie dêr berchachtich, it gong dêr by de bergen op en del. Hja sieten togearre yn in coupé. Doe die hy it foarstel, hja moesten mar in nûmerke meitsje. Doe sei hja: "As der ris hwat fan komt, hwat dan?" "Nou," sei er, "dat hindert ommers neat. Ik ha in broer yn...
Nou eens iets, dat mezelf is overkommen. Ik was in Hagestein samen met een maat aan het kersenplukken. Naast die bogaard had je een katholieke boer. Vroeger rejen de boeren altijd met twee paarden voor de wagen. Affijn, we staan te kijken, dat paard gaat die berm af. Alles omveer alles naar onder. Benejen staat alles weer gewoon recht, de wagen en de twee...
Der wienen in pear jongelju, dy wienen sa'n oardel jier troud. Hja hienen ien bern, in jonkje. De heit koe tige sliepe, mar it jonkje koe tige raze, foaral nachts. Dat wie al nachten oanien sa gong. De heit slepte gewoan troch, mar de mem siet der mei. Op 't lêst krige hja har nocht dêrfan en se sei tsjin har man, wylst se him oanstompte: "Wurd dû ris in...