Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
18 datasets found
Dutch Keywords: overlijden Place of Narration: Den Haag
Als men tegen Van Beuningen voor wat nieuws vertelde: 'Soo een heeft sich verhangen', soo seyde hij: 'Jawel, wat wonder is dat, daer kan men alledaeg toe comen, maer hadt hij sichselfs onthooft, dat soude wat raers geweest sijn.'
Doen de vrouw van Groenevelt met Jacob Westerbaen wilde trouwen, soo seyde de oude vrouw Van Barnevelt: 'Wel dochter, ick kom even van sooveel hartseer aen mijn man te beleven, komt gij mij wederom op 't nieuws bedroeven en mijn wonden opkrabbelen', waerop sij seyde: 'Moeder, gij moogt de pleyster sooveel te grooter maken.'
Als de griffier Cornelis Musch gestorven was, ontboodt mevrouw den commys Spronssen, hem versoeckende, alsoo hij allerwegen quam, dat hij haer soude seggen wat spraeck dat haer man nae ging. 'Ick hoore', seyde sij, 'datter veel sich over hem beklaegen.' R. 'Ick weet niet, mevrouw, waer de luyden sich mede mogen bemoeyen en dat se de man niet met vrede...
Seecker edelman die heel vroom geleeft hadde, quam schielijck te sterven. Een religieux, die de soon quam troosten, seyde: 'Mijnheer, Godt heeft met u vader gedaen als goede vrienden plegen, die malkanderen sonder tevooren te laeten weeten, 's middags soomaer op de portie mede neemen.'
Men verhaelt dat de suster van De Thou, mevrouwe De Pontac, na 't overlijden van de cardinael Richelieu bij geval in de kerck ter misse komende, daer de cardinael begraven was en haer oogen op sijn graf gevest hebbende, ten laesten uytborst met dese woorden van Martha: 'Heere, waert gij hier geweest, mijn broeder waer niet gestorven.'
Doe de cardinael Julius Masarin sijn nigte Mazarini aen den hertog van Milleraij (wiens geslagt La Porte is) sijn soon hadde uytgetrouwt, die sig na dato altoos duc de Mazarini liet noemen, quam de cardinael na sijn doot stout aen den hemel. Sinte Pieter strax siende dat 'et een vreemdelingh was, vroeg hem met forçe stem: 'Hoe komt gij soo stout hier? En...
Seker boeckhouder, die lang sijn meester gedient hadde, wierdt op het lest alles toevertrouwt, selver verscheydene cartas blancas, alsoo de patroon een oudt man was, die schielijck door een overval quam te sterven. Hij scheurde aenstonds al sijn geteyckende blancas, uytgenoomen eene daer hij een obligatie ten bedraege van 100.000 f. op schreef tot sijnen...
Een quam sijn buyrman te troosten, seggende: "t Is mij leet dat u huysvrou de reys na den hemel genomen heeft.' R. 'Ick ben je daervoor seer verobligeert en wensch dat je daer noyt meugt komen.'
Juffrouw Six' haer buyrvrouw was vast besig met troosten, onder anderen seggende: 'Nu Claertje, ghij moet soo niet schreyen, Pasquier is immers al doot, gij kunt hem met schreyen niet wederhaelen. David selfs hield op van traenen te storten, doe het kint, dat hij bij Bathzaba hadde, gestorven was.' R. 'Waer staet dat toch geschreven?' R. 'In de Heylige...
Een olijcken vagabont wiert voogd over eenige weeskinderen, alle erffgenamen van een arme weduwe, welckers middeltjes hij geheel doorbracht. Van desen seyde iemant: 'Dat is een barmhertich man, hij heeft na de weduwes doot alle de kinderen in den rouw gesteken.'
Verscholen aan het Westeinde, in het oude centrum van Den Haag, bevindt zich op nummer 12 het Spaansche Hof. Het huis is in 1469 gebouwd, maar de Spanjaarden verbouwden het in 1677 tot het huidige stadspaleis. Er wordt gezegd dat er een vrouwelijke geest rondspookt op het Spaansche Hof. Het is Catherine de Chasseur, de ex-vrouw van ridder Gerard van...
Een heer vraegde sijn boer, wiens vrouw gestorven was, hoe hij al voer. 'Ja', seyde de boer, 'alle die mij ontmoeten, siende mij soo bedroeft, seggen "stelt u tevreden, wij sullen u wel een andere vrouw bestellen", maer niemant seyt sulcx als er een van mijn koeyen sterft.'
Een verloopen doctor wiert knecht bij een gravemaecker. 'Ick kan niet sien', seyde één, 'dat die vent van conditie verandert is, want tevooren hielp hij de lieden in 't graf en dat doet hij nu oock.'
Juffrou Schrevelius wiert bij een buyrvrou, die op sterven lach, gehaelt ende als 't eynt met haer naderde, riepen eenige wijven: 'Daer komt de doot, daer komt de doot.' Haer dochtertje, dat met haer gegaen was, liep te post wech. Haer moeder, thuys gekomen sijnde bekeef haer dat se soo onbeschoft was doorgeloopen. 'Och moeder', seyde sij, 'elck een riep...
Doctor Sweitser gaf een van sijn patiënten een poyertjen in, daer hij mede na den hemel reysde. Soo ras als hij de tijding er af kreeg, seyde hij: 'Das sackermentsche pulver hat schoon sechs menschen hinwech gerissen. Hole mich der Teuffel wen ichs wider gebrauche.'
Dorothé was weduwe geworden van een rijck man, die haer erfgenaem hadde gemaeckt. Sij geliet sigh seer droevig, maer een van haer vriendinnen, bij haer komende, begin haer te troosten. R. 'Men moet sigh soo sot niet aanstellen. Gij zijt een moye rijcke weduwe, gij zult wel weer een man krijgen.' R. 'Jae, was dat oock niet: ik verhing mij selfs van...
Seecker borger in Duytslant nooyde de schout te gast, ende sette hem nae den eeten Hollantse kaes (als een rariteyt) voor. de schout kreeg daer smaeck in ende sneedt daervan dat het de man aen sijn hardt ging. Dies seyde hij: 'Mijnheer, 't is Hollantse kaes.' 'Dat proef ick seer wel', seyt de schout, 'daerom eet ick er sooveel van.' 'Wel', antwoorde de...
Spookdieren Zwarte kraaien brachten de tijding dat een visser op zee was gebleven (dus verdronken was). Ze tikten in stormnachten tegen de ramen, en brachten zo de "ting" (=de doodstijding).