Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
174 datasets found
Dutch Keywords: maaltijd Organizations: Meertens Institute
Een vader vergat over tafel sijn kint te besorgen. 't Kint, lang gewagt hebbende, eyschte sout. De vader vraegde: 'Wat sult gij met 't sout doen?' 't Kint seyde: ' 't Vleesch daermede eeten dat gij mij geven sult.'
Soo de vraeg eens over tafel voorviel of men sijn maelteyt van bier of wijn most beginnen, soo seyde iemant: 'Eerst wijn en daerna geen bier.'
Van menschen die de zwarte kunst verstonden. Herk O., die voor jaren te Berkhout leefde, verstond de zwarte kunst. Die had hij geleerd uit een tooverboekje, het zoogenaamde duivelsboekje. Dat had hij gekregen van een schippersknecht. Nu is het bijzondere van dat boekje dat men het niet kwijt kan raken dan aan iemend die het wil hebben en die sterker is...
lck was op een gastmael maer niet al te wel in mijn schick. De juffer van de huyse, een aerdig meysje, ley mij de lever van een kapoen voor, seggende. 'Hoe sit ghij soo droomig, heer Van Nout, courage ghij moet nu rondeelen.' Ick sat eerst, quansuys bedenckende, een weynig stil. tot de oogen wat gediverteert waeren, doe deelde ick de lever soetjes rond....
Geen voedselvergiftiging `"KATER" MADRID (DPA) - Paddestoelenplukkers in het Spaanse Pamplona zitten met een kater. Toen zij wilden weten of enkele onbekende soorten al of niet giftig waren, voerden zij deze aan een vermeende kater. Toen dit dier ook uren later nog geen negatieve reactie toonde, aten de Spanjaarden rustig hun lekkernij op. Maar groot was...
De bedrogen pastoor Ik hoorde dit verhaal in mijn studententijd. Een pastoor kreeg den bisschop ten eten en had daarom dan de meid opgedragen twee kapoentjes te slachten en te braden. Zij ontvangt haar vrijer, een soldaat, die de kapoentjes opeet. Daarop is de meid verslagen, beknort haar vrijer en beiden zetten een bedrukt gezicht. De bisschop, die juist...
Een man uit Best woonde vroeger op een boerderij in Acht. Daar beleefde hij eens een wel zeer eigenaardige geschiedenis. Als het werkvolk ’s avonds aan tafel zat om te eten was er altijd een knecht bij, die halverwege de maaltijd van tafel opstond en dan verdween. Natuurlijk vond iedereen dat maar een zonderling gedoe en na enkele weken werd...
Mijnheer Apero van der Houven, met ses van sijn mackers tot Duynkercken gekoomen zijnde, en even soo veel knechts. kreeg op de heerentaefel 6 eyeren voor haer seven persoonen en een carbonade. Als men van het weynige datter was wat hadde gepeuselt, riep hij: 'Hebben wij te weynig gegeten, laet ons eens te meer drincken, ça jongens etc.. Madame, waer zijn...
Op Kerstavond moest om elken boom een stroowisch gebonden worden, dan kwamen er het volgend jaar appels. Ook moest vlas vóór dien avond van den rosklop af. (De rosklop is dat deel van het spinnewiel, dat de vrouwen in de hand houden en waar zij het vlas af spinnen.) Ook moesten dien avond alle tuurpalen (van tuieren) van het land gehaald worden. Men noemt...
SERVETJE, STOK, VIOOL EN MANTELTJE Er was eens een machtige koning die drie zoons had. Op een vroege morgen riep hij de oudste bij zich en sprak: "Mijn zoon, ik wil jou en je broers iets geven. Voor ieder van jullie heb ik een heel mooi schip laten bouwen. Ga nu en haal je beide broers, opdat ieder van jullie mij zegt, wat hij met zijn schip wil doen."...
Evert Tsyske wenne yn Sumarreheide. Hy wie boerefeint by in boer, dy wenne oan 'e Hearrewei. Hy wie der fansels èk by dy boer yn 'e kost. Hy wie achtsjin jier âld en doe moest er ûnder tsjinst. Sy moesten doe noch lotsje en Evert moest de moarns al op stap. Hy soe mar hwat foarút ite. Hy kom yn 'e hûs en frege de frou of er nou wol ite koe. "Jawol," sei...
Keyser Verspasianus hadt een bang wesen en sach er altijt uyt of hij druckte. Iemant eens aen sijn tafel sittende, gaf al de heeren daer present een steeck, den keyser om sijn majesteyt overslaende. De keyser seyde: 'Gij vergeet mij, wanneer sal ick een beurt krijgen?' 'Soo ras, heer keyser', antwoorde hij, 'als gij gekackt hebt.'
De vrouwe van Berchem, op een maeltijdt versocht, wierdt het lampet gepresenteert om te wasschen. Sij excuseerde sich seggende: ' Ick ben schoon.' 'Daer gaf ick wel duysendt pondt om', seyde haer man daerop.
KOMT DE NOOD AAN DE MAN Er was een arm boertje, dat maar één koe had en een heel domme vrouw. Elke dag voor hij wegging, moest hij haar zeggen wat ze doen moest, want hij leurde met allerlei waren door het land. Eens op een morgen zei hij tegen zijn vrouw: "Vandaag moet je de koe rond het huis laten weiden, er staat nogal wat gras en dat zal haar goed...
De hond in de pot DE KLANT IS KONING ZÜRICH, 21 aug. (Reuter). - Een Zwitsers echtpaar heeft bij zijn terugkeer uit Azië tegenover een krant in Zürich relaas gedaan van een gruwelijke ervaring, die hun in Hongkong is overkomen. De man en zijn vrouw waren, vergezeld van hun poedeltje, een Chinees eethuis binnengestapt. Tegenover de bediende wilden ze...
Een pedant, die ontrent een maendt in Vrankrijck hadde geweest, quam ergens te gast daer 't vleesch een kleyn smaekje hadde, wilde dit quansuys met een aerdigen term seggen, seyde hij: 'Dat vleesch is gearriveert.'
Iemant was bij een domine te gast, die 6 dochters hadt, yder om het moyste. Maer men seyde dat sij liever bij jongmans 2 mael vrolijck waeren als eens bij dochters. Sij raeckten dan na den eeten in een praetjen. R. 'Bloemmerharten, domine, hadt gij toch wat jongens in plaets van meyden gemaeckt! Die sijn (als er geschreven staet) stijve stijlen voor de...
Joncker Jacob van den Ende, tot Molenijser te Schevering zijnde, kreeg een stuck gesprengt voor sich, dat soo schrickelijck sout was, dat hij het onetelijck vondt, des hij er maer een kleyn snippertje af snee ende de rest ongeschonden af gaf. Als Molenijser hem in 't weggaen drie schellingen voor sijn maeltijdt rekende behalven de wijn, seijde hij: 'Ick...
Iemant klaegde voor de vier burgemeesters van Amsterdam dat hij te weynich gagie hadde. 'Mijnheeren', seyde hij, 'ick heb daer een vrouw en twee kinderen; dat's drie, en ick selfs ben de vierde en mijn gagie is pas 300 gulden.' ''t Is een schoone scheet, gaet er met je vieren eens wat van eeten.'
Een oude man woonde bij zijn zoon en schoondochter in. Ze hadden een jongetje, dat dol was op zijn opa, met hem van alles deed en allerlei dingen van hem leerde. Na een aantal jaren begon de oude man duidelijk met zijn gezondheid te kwakkelen. Zijn handen begonnen te trillen en aan tafel begon hij steeds vaker te morsen. Zijn zoon ergerde zich daar in...