Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
98 datasets found
Dutch Keywords: kruisteken Organizations: Meertens Institute
Waar nu de kerk staat, was tevoren 'n stuk land met bulten en kuilen. Dikwijls stond er water in die kuilen. 'n Gek, die er dichtbij woonde ging er dan heen, maakte 'n kruis met water uit zo'n kuil en voorspelde: "Hier zal iets heiligs komen"
Als 'n heks 'n kruisje van strospiertjes passeert, springt ze er overheen en kijkt om.
Herhaalde malen was 't geweer geketst op 'n haas, die men niet kon schieten. Men maakte 'n kruis over 't geweer, likte daarover, schoot en 't raakte. Later vond de jager z'n vrouw (de haas) met schotwonden in bed.
Vertelster kan genezen van verstuiken en verbranden. Men moet dan eerst zelf langzaam 'n kruis maken. Daarna legt men beide duimen kruiselings over het zieke lichaamsdeel. Dan zegt men zacht, langzaam en nadrukkelijk: brand, brand, brand Ver weg deze brand Zo waarlijk deze Drie Een zijn Zo zal ik haar (of hem) verlossen van de pijn. Bij heel erge...
Om van onheil bevrijd te blijven hing men St. Janstrossen aan de achterdeur. Op de achtergevel van de huizen was dikwijls 'n kruis gekalkt ook om ongelukken te weren.
Achter op de huizen werd dikwijls 'n kruis gekalkt om van onheil bevrijd te blijven.
Als men kruisgewijs stro of houtjes onder d'n dorpel legt, kan er geen heks overheen.
Met witkalk tekende men kruisen op de achtergevel van het huis om van onheil bevrijd te blijven
Moeder kon pijn uit brandwonden genezen. Vertelster is daar dikwijls bij geweest. Geknield bad ze dan mee. Moeder maakte eerst 3 kruisen. Dan sprak ze langzaam: "brand, brand, brand Vlieg van 't vlees in 't zand In de naam van de Vader, de Zoon en de H Geest" Dit werd 3 x herhaald en daarna bad Moeder stil het Onze Vader en Weesgegroet.
Ieder werk op de ouderlijke boerderij begon met 'n kruisteken. Soms was bij het boteren "de staand behekst". Soms kon men geen boter klaar krijgen in verband met menstruatie der karnster.
Op Ten Hurkens in Aarle Rixtel was aan de achtergevel 'n kruis van witkalk om bevrijd te blijven van onheil en blikseminslag. Daarvoor hing men ook St. Janstrossen boven de achterdeur en in de stal. Die St. Janstrossen waren van St. Jansbloemen (margrieten), St. Janskruid, irissen en noteblaren
Bij Vertelster thuis hield men geiten. Daarvoor ging men hei snijden. Terwijl Vertelster daarbij even uitrustte, kwam Trui achter haar staan, plantte haar handen op schouders van Vertelster en zei, zich voorover buigend: ge moet de bluumkes. goe in de potte zette." Vertelster was toen zeer beangst, door die aanraking behekst te worden. Inwendig herhaalde...
De achtergevel der boerderijen had dikwijls een kruis van witkalk om heksen en spoken ervan te houden.
Over brood en mik werd altijd 'n kruis gemaakt, om de duivel eruit te verdrijven.
Als men van houtjes of strospiertjes 'n kruis legt onder d'n dorpel, kan de heks daar niet overheen. Ze komt dan aan de achterzijde het huis binnen of gaat er voorbij.
Als men plaatsen moet passeren, waar 't spookt, dan moet men 3x het kruisteken maken en met de woorden: "in de name Gods" holt men er zo hard mogelijk doorheen.
De heks heette Hanne de Waal. Ze had de gewoonte de mensen aan te raken, op de schouder te kloppen, kinderen snoepjes te geven en ze probeerde altijd de kinderen in de wieg te zien. Men probeerde al die dingen te verhinderen want ze waren gevaarlijk; men kon erdoor behekst raken of vergiftigd. Als Hanne de Waal in 'n huis binnen ging, stierven daar alle...
Over 'n kruis kan geen heks heen komen.
Veel huizen hadden aan de achtergevel 'n kruis van witkalk om heksen te weren en van onheil bevrijd te blijven.
Als men kruisgewijs houtjes of strootjes onder d'n dorpel legt, kan de heks niet binnenkomen.