Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
114 datasets found
Dutch Keywords: hoed
Ik was med’n pluugske kameruij ien Providentia on ’t oefene gewes ien ’t schieten. Doar zat onwèr on de loch. ’t Was lot zat en we gienge nor huus. Toe ik bé’j de Gendtse brug was, opte kruusweg nor de Kommerdiek, doch ik: “D’r kum zwoar onwèr”.En ik kos nog tot de Hagevoortse loan komme. Mar toe mos ik wel schule. Zo gieng ’t er op! Ik gieng opte kromme...
Wat betreft de geschiedenis van Jantje, dit was bij ons Davidje. De stiefmoeder besluit om Davidje om te brengen, omdat zijn moeder zooveel van hem houdt. De geschenken bij ons zijn voor den vader een hoed, voor Leentje een dasje en voor de moeder de bewuste molensteen. Wat het lied betreft weet ik er niet meer van dan: Rikkerdekik Kijk eens wat een mooij...
Een meisje vroeg haar moeder successievelijk wat een sodemieter, een penis en testes waren. De moeder noemde dat een pastoor, een wandelstok en een hoed. Toen pastoor den volgenden dag kwam en aanbelde, opende het meisje de deur en zeide: "Dag sodemieter, zet je lul maar in de standaard en hang je klooten hier maar op en ga dan maar naar binnen bij...
Dr. Juris Fredericus Helvetius sag een vent, die sijn hoet afgewayt was, met langsame treden daerna toe gaen, of het hem niet aen en gingh. Terstont wierp hij sijn eygen hoet in ons huys en liep na de afgewayde. De luyaert, dit siende, trock mede aen het lopen, maer schoot te kort. Doe rees er een hevig dispuyt over den hoed. De omstanders lachten om de...
Op een dag had Lonneke een wonderlijke ervaring. Ze stond met haar fiets voor 't stoplicht.'Het was op het nippertje, het licht stond op groen, maar het kon elk moment op rood springen. Lonneke dacht: "Als ik heel hard rijd, kan ik het misschien net nog halen." Toen gebeurde het. Door haar zenuwachtigheid miste ze de opstap, ze wilde het heel snel nog...
Een oude vrouw vertelde mij dat zij als kind door haar grootmoeder opzij werd getrokken met de woorden: 'Opzij, er komt een lijkstoet voorbij.' Een vader die met zijn zoontje over de weg liep, zei plotseling tegen de knaap: 'Zet je pet af, er komt een lijkstoet voorbij.' Terwijl de jongen er niets van zag. In Eersel zag een inwoner, 's nachts tussen...
Doctor Joannes Fridericus Sweitzer sag een vent die sijn hoedt afgewayt was, met langsaeme treden daernae toe gaen, of het hem niet aen en ging. Terstond wierp hij sijn eygen hoedt in ons huys, en liep na de afgewaeyde. De luyaert, dit siende, trock mede aen het loopen, maer schoot te kort. Doe rees ereen hevig dispuyt over den hoedt. De omstanders...
Zoo was er nog er es een boer en die was ook erg dom, maar die had een knecht die nog al erg verstandig was. Die knecht had al jare bij hem gewoond, maar op laatst begon het die toch ook te vervele. Dat op een goeje dag zeit ie: "Baas, ik gaan weg, ik ken het niet meer bij je uithouwe. Je bent me te stom." Och, och, daar zat ie. Hij soebatte en hij...
Dat my meest doet verwecken Dats dat my die coninc onse heer Op loopt dus fellic ende dus zeer Ende seit mijn vader ende ic mede Hem noch den syne nye goet en deden Dit heeft my vreemt van enen coninck Mer hem coomt so mennich dinck Te voren dair hi syn op let Dat hi dat een mitten anderen verget Ende licht is dit aldus gesciet Lieue heer en gedenct v...
Jan Sourij op een bruyloft tot Rotterdam nevens seecker juffer sittende, kreeg twee gesontheden teffens voor hem, elck in een fluyt bijsonder. Hij dronck se schoontjes uyt en meende soo een witte broodt daerop te duwen, maer tot sijn ongeluck wierd er op het taljoor geklopt om te bidden. In 't gebed quam hem een vlaeg over, sijn hoedt raeckte vol en de...
Er was eens een koetsier die twee personen vervoerde van Helmond naar Someren. Plotseling hield hij halt en nam zijn hoed af. Toen de twee passagiers hem vroegen wat er aan de hand was, zei de koetsier: 'Ik moet even wachten wat er komt een lijkstoet voorbij.' Maar de twee Helmondenaren zagen niets.
Een koning van Vranckrijck, op de jaght van sijn volck geraeckt sijnde, quam bij een boer die hij vraechde waer hij heen wilde. Den boer seyde: 'Na Parijs, om den koning te sien.' 'Komt dan met mijn', sey de koning. 'Maer hoe kan ick weeten', seyde de boer, 'wie den koning is?' 'Let daerop: die sijn hoet ophout als alle de andere den hoet afhebben, die is...
2.75. De behekste pastoor Op eenen namiddag kwam de eerwaarde heer van Ham, herder te Westerhoven, +1807, van de naburige pastorij van Riethoven terug. Eensklaps werd hij onderwege in den akker, door onzichtbare wezens ten gronde geworpen en kon niet meer opstaan. Terwijl hij daar zat, kwam een buurman die door de oude lieden nog dikwijls genoemd wordt,...
Geen ouder/ geen antijcker/ en geen swaerder Casteel is in alle dese Landen/ als dat vermaerde Huys Tecklenburgh, gebouwt op eenen seer hoogen Bergh/ die de winden seer onderworpen is weegen zijne hooghte. Het oustste dese Huyses is den vermaerden/ vreemden en Oudt-frencksen Tooren, voor welcke alle Antiquiteten dese Landen buygen en strijcken moeten/ en...
Prins Hendrik kwam in Dordt. Hij had drie rijtuigjes. In de ene zat z'n stok, in de andere z'n hoed, en in de derde zat 'ie zelf. En dan ging 'ie naar de hoeren op de Riedijk.
Zoals je thuis tikt, tik je nergens... Vervolg der Dordtse leugenbank(en)verhalen + enige marktstory's Winkelmisére van weleer: Koos tegen Joop: 'Ik was altijd un bietjie in de war, as ik naar die hoeie en pettezaak mos in de Lombardstraat, dan wis ik ech niê meer of dâ nou Tegelelaar van de Pettefabriek was, of Pettelaar van de Tegelfabriek!'
Capiteyn Guichery op een bal zijnde, versogt seecker juffrou van sijn goede kennis om met hem te danssen, maer hij refuys tot 3 à 4 mael toe krijgende, versogt, om niemant aenstoot te geven, een ander soet jonge juffertje, 'twelck de plaets soolang suppleerde. Na het danssen addresseerde hij sich weer aen sijn weygerige matres, sich beklaegende over haere...
Ds. Prins fan Eastemar wie ris mei in âlderling op stap. Doomny hie 't dêr net maklik. Hja kamen troch in stik lân mei beesten. Dêr stie in wriuwpeal. Dêr naem ds. Prins de hoed ôf. "Hwerom dogge jo dat?" frege de âlderling. "Dat is in folle broer fan my", antwurde ds. Prins.
Het sprookje van Jan en Betje Het sprookje van Jan en Betje is ook van het Ameland; een van de jongere broers was hier eenige dagen geleden en vertelde het begin op een andere manier, wat ik hier wil laten volgen: De stiefmoeder stuurde Jan om mosterd, Jan brak onderweg het mosterdpotje, waar ze zeer boos om was. Ze was net op zolder en riep hem toe:...
1.9. Het hengstespoor Een 'officiant van de guld', die van Zand-Oerle naar Zitterd ging, had de onvoorzichtigheid het 'hengstespoor' te volgen, d.i. den weg, tusschen de karsporen, waar het paard gaat. Wat wis en drie te voorzien was, gebeurde: eene onzichtbare hand bonsde den man den hoed van 't hoofd. De pluim rolde vóór hem uit in het hengstespoor en...