Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
5 results
Dutch Keywords: heks Place of Narration: Zuiderwoude
Een anderen keer bleef zij, toen het hard stormde, iemand nakijken, die met een schuitje naar Zuiderwoude zeilde. De man is met zijn schuit omgeslagen en verdronken. (C. Bakker: `Geesten- en heksengeloof in Noord-Holland boven het IJ', in: De Gids 1922, p.273.)
N.N., een oude vrouw uit Zuiderwoude, lag bij een deel harer plaatsgenooten ook onder verdenking van te kunnen kollen. Zij stamde af uit een zeer zenuwachtige familie, had ectropion met traanoogen en is onder mijn behandeling aan een longlijden gestorven. Ik heb nooit iets bizonders aan haar gemerkt, maar kom straks nog op haar terug in verband met andere...
Een aardig voorbeeld is nog het volgende. Toen N.N. gestorven was heeft men lang moeten zoeken, vóór men personen vond, die bereid waren het lijk af te leggen. Na afloop vroeg men aan haar, die zoo stoutmoedig geweest waren, of het niet moeilijk gegaan was. Men vreesde namenlijk dat het lijk bij de behandeling uit elkaar zou vallen, daar N.N. zóóveel...
Een jongen vrijde naar een meisje. Hij vroeg en kreeg permissie om 's avonds als de ouders naar bed waren nog een poos bij haar te mogen opzitten, maar onder voorwaarde dat hij voor twaalven zou vertrekken. Eens verlaatte hij zich bij ongeluk. Klokslag twaalf viel zijn meisje flauw, werd marmer wit en wat hij ook deed er was geen leven in te krijgen. Hij...
Die zelfde man vertelde mij, hoe men te weten is gekomen, dat N.N. een kol was. Toen ze alle nachten op de paarden van C.H. reed, die op de nu gesloopte oude boerenplaats gewoond heeft, gingen wij op een goeden keer onder het weivat zitten met een kaars bij ons. Toen we hoorden, dat de kol goed aan den gang was, gaven we een trap tegen het weivat; toen...
6