Organizations
Keywords
There are no Keywords that match this search
Danish Keywords
There are no Danish Keywords that match this search
Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords
There are no German Keywords that match this search
Icelandic Keywords
There are no Icelandic Keywords that match this search
Place Mentioned
There are no Place Mentioned that match this search
Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender
There are no Narrator Gender that match this search
Pastoor hoort van iemand die dieren kan leeren spreken, zendt den koster met zijn hond er heen. Kost natuurlijk veel geld. Koster steekt het geld (ƒ25,-) in den zak en gooit den hond te water. Na een poos moet hij gaan zien of de hond al spreken kan. Maakt al goede vorderingen, maar het kost nog ƒ50,-. Eindelijk wil de pastoor de hond weer thuis hebben....
De dief onder het kleed Op een dag was er geld weg dat pas nog op tafel had gelegen. Er was geen vreemde in huis geweest. Eigen volk moest het hebben gedaan. De boer wilde weten wie. Maar vrouw en kinderen, knecht en meid, niemand wist ervan. Toen ging hij naar de schoolmeester; die wist overal raad op. Het was een oude man met een grijze baard. Hij had...
No name
Tùn van Besperd Dat is gebeurd dou de Kozakken in Grunnegerlaand binnenvalen wazzen. De Franzen wazzen net daip in 't Westerketaaier; overaal haren ze geld opvörderd, en roofd aal wat ter lös en vaast was. Tùn mos heur mit dikke woagen noa Stad bringen. De haile roof mos mit; 'n tun vol mit gold, dat was 't vernoamste der van. Dou ze bie Staintil over 't...
No name
KOMT DE NOOD AAN DE MAN Er was een arm boertje, dat maar één koe had en een heel domme vrouw. Elke dag voor hij wegging, moest hij haar zeggen wat ze doen moest, want hij leurde met allerlei waren door het land. Eens op een morgen zei hij tegen zijn vrouw: "Vandaag moet je de koe rond het huis laten weiden, er staat nogal wat gras en dat zal haar goed...
Het paaltje van Oosterlittens. Bij het kienspel en ook wel bij andere gelegenheden noemt men in Friesland het nommer 1«het paaltje van Oosterlittens.» Vanwaar deze benaming? Laat ik u dit eens vertellen. Er woonde in den ouden tijd te Oosterlittens een schoenmaker die geen ruim bestaan had. Hij was vlijtig en oppassend, zijne vrouw was zuinig en bekwaam...
Ziekten. Sommige menschen zijn bereid de kiespijn te koopen. De patiënt geeft hen eenig geld, en daarvoor doet de kooper goede werken (bidden, een bedevaart). De hik wordt eveneens overgedragen, met deze spreuk, die men driemaal, in één adem, moet opzeggen: Ik, sprik, sprouw, Ik geef den 'ik aan ou, Ik geef den 'ik aan alleman, Die 't den 'ik verdagen...
Alles in orde
lege borden
weinig vet
vroeg naar bed
nauwelijks warm
luchtalarm
No name
Daor was een zoon gestorve van een boer. Mien vaoder zag 'm ok wel is daorna op 't hek zitte, diejen zoon. Hij zeet: "Dat is diejen toch niet? Want die is dood" . En toen was 't dan zover, dan z'm in de schuur zaoge gaon, 's middags om twaolf uur. Ze wisse d'r geen raod mee. En de pastoar zee: "Ge moet 'm naogaon, 's middags en 's nachts om twaalf uur. En...
No name
Drie goede levenslessen. Er waren eens een jongeling en een meisje, die trouwden samen omdat zij elkander lief hadden, maar zij waren arm; als ze niets verdienden hadden ze niets. En nauwelijks eene week na hun huwelijk stond de jonge man al aan den weg op den uitkijk, of er iets te verdienen mocht vallen, want hij had geen werk. Toen kwam daar een fraaie...
EEN PARAFRASE VAN DE VERTELLING ‘Kri. Kra! Ala man fen' en kraka! Bikasi ef' oeman jesi langa leki boeriki jesi, Gado kondre den no kan si!’ (Voor een dergelijke opening vergelijk Herskovits pag. 145) ‘Wel, mi man, wan koning ben de....’ Wel, mensen, er was eens een koning, in een heel ver land. Hij sprak: Degene die hem een raadsel kan opgeven dat hij...
Spotsagen en Spotnamen. a. Het gewest Een Zeeuwsche beuzeling is een dikke leugen, want in 't taaleigen is onwaarheid spreken, beuzelen; doch 'n Zeeuwsche "zonde" is zoo erg niet, "'t is zonde" is een gewoon stopwoord. Ook is een Zeeuw een dubbeltje meer waard dan een Hollander, dit slaat echter niet op de menschen, maar op de waarde der rijksdaalders uit...
As d'r een kind met de helm gehore was, dan mozzie d'r as de kippe hij weze. Die helm was geld waard, de baker die wou 'm wel is stele.
Hekendorp
Van begraven schatten. D. Te Bennekom was indertijd een notaris die veel menschen onrechtvaardig behandeld had. Toen hij gestorven was kon hij in zijn graf geen rust vinden, maar elken avond kwam hij in zijn huis spoken en dan zag zijn vrouw hem altijd naar een hoek van zijn kamer gaan; daar bleef hij een tijd zitten en verdween dan weer. Natuurlijk vond...
No name
Schatsagen 't Was in 't putje van den winter. Op een donkeren, triestigen morgen, stapte Soois, de oudste knecht van Saarel Verbist, de schuur binnen. De stallantaarn, die hij bij zich had, wierp 'n flauw schijnsel om zich heen, maar gaf toch licht genoeg om Soois dadelijk te doen zien, dat 't op den dorschvloer een geweldige rommel was. Al het...
RK: En wat wordt er altijd gezegd wat je met je melktandjes moet doen?
WO: Oh, onder je kussen leggen en dan komt er een fee ofzo.
RS: De tandenfee.
WO: De tandenfee.
RS: Ik geloof het allang niet meer. Ik heb laatst 25 cent gekregen.
RK: Valt wel weer een beetje tegen, 25 cent.
WO: Ik had 50 euro gekregen van mijn vader. Voor een kies.
MIJNHEER DE MAAN Er was eens een soldaat die de dienst verliet. En hij wandelde zo ver, zo ver, dat hij huis noch heg meer zag, en toen de avond viel, kwam hij aan een grot. Daar stond een oud vrouwtje aan de deur en hij vroeg: "Vrouwtje, zou ik hier vannacht niet kunnen slapen?" "Wel ja, m'n vriend, kom maar binnen." 't Was winter en koud en de soldaat...
Van den Rhijn-stroom den 26 dito. […] Van Weenen word noch gheschreven, dat een boer, willende aen sijn Heer, de jaerlickse land-pacht brenghen, door een Ruyter op 't veld aenghetast is gheworden, ende ghedwonghen sijn geld over te gheven, ende dat den boer, het selve hebbende overghegeven, den ruyter ghebeden heeft, dat hy hem een gat door den hoed ende...
[Slimme Jan] Daar was eens een smid, die drij zonen had, en zooveel tegenspoed en ongelukken onderstaan had, dat hij zich op zekeren dag genoodzaakt zag, aan zijne zonen te kennen te geven, dat het hem onmogelijk was, hen nog bij zich te houden. De zonen besloten, reeds des anderendaags te vertrekken, en ieder eenen verschilligen weg in te slaan. De twee...
Dat verhaal heb ik ok dikwijls genoeg hore vertelle. Je had hier in de buurt vroeger een boer en op een keer kwam de knecht om z'n loon. Wat d'r an de hand geweest is, weet ik niet, maar die boer kon met geen man of macht dat kabinet ope krijge. Hij kon niet bij z'n cente komme. "Wacht maar" , zee die knecht. En weet je wat ie dee? Hij gooide z'n pet tege...
VAN DE DRIE WENSEN Er waren eens een paar mensen, die weliswaar met werken de kost moesten verdienen en daarenboven nog een zoontje hadden, dat te klein was om hen daarbij te helpen, maar die toch zo spaarzaam en zuinig waren, dat ze nogal wat geld opzij hadden gelegd. Ze waren echter steeds ontevreden, altijd wensten ze meer en daarover mopperden ze dan...
No name
