Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
40 datasets found
Dutch Keywords: geld Organizations: Meertens Institute Place of Narration: Broek in Waterland
Een boer bezocht geregeld iedere verkooping. Als hij dan weg was, kwam de burgemeester zijn vrouwtje troosten. Op een avond gebeurde dat weer. Het was zeer slecht weer, doch onze boer, Gerritbaas, had zich niet laten weerhouden. Een soldaat was ook op pad. Hij besloot bij Gerritbaas te overnachten. Daar hij bij hem bekend was, gluurde hij eens naar binnen...
In Amsterdam ligge altijd schippers aan de turfmarkt. In den winter vriezen ze in. Ze raken leeg. In de buurt woonde een rijke oude vrijster. Eén wou haar vrage. Dat deed ie. Zij zou het in beraad houwe. Eindelijk zouden ze trouwen. Maar op den bepaalden dag zei ze: "Zeg me nou ers eerlijk: heb je me niet om me geld gevraagd? Je had toch liever een jong...
Gusteravend skoot me ook nog een mooi moppie te binne. Deer was ers een weduwe, in die had al twee kindere verlore, in der man, maar ien zeun had ze over en die was niet regt snik, of liever ezeid: het was soms of ie ze niet recht allemaal bij mekaar had. Nou had die weduwe een varken. Een best beessie. Dat groeide toch zoo lekker, dat ieder al teuge der...
Daar was zer es een man en een vrouw, en die ware nooit tevrede. Dan woue ze dat en dan weer dat. Net ware ze weer goed an het moppere, toe er een engel, of hoe noem je zoo'n ding? - een fee zel ik maar zegge, want het was een jong meissie, binnen kwam en tegen de man zei: "Jij bent in alle gevalle nog de beste. Jij mag drie dage achter mekaar een wensch...
Vandaag werd mijn hulp ingeroepen door een boer alhier, geboortig uit Nijkerk. We kregen het over bijgeloof. Hij deed mutatis mutandis de gewone verhalen over spoken en kollen, doch wist mij nog te vertellen, dat men daar bang is om aan een spook iets te vragen, want dan loopt men kans antwoord te krijgen, en dan is de vrager verplicht de opdracht te...
Een paardekooper reisde naar alle markten. Dan had hij altijd een groote som gelds bij zich in leeren riemen. Zoo ging hij ook weer eens 's avonds naar een groote stad met veul geld bij hem. Voor dat ie het bosch in ging dat hij deur moest, ging ie bij de kastelein effetjes opsteken. Die zei: "Ben je niet bang?" "Welnee," zei die, "ten eerste heb ik een...
Nou, je weet wel: een koning gaat nog al er es op de jacht. Zoo was er dan ook ers een koning en die gong dèn hier en dèn deer na toe, maar op een goeie keer deer raakt hij bij zijn gevolg vandaan. Het wordt zwaar weer en hij komt an een hut. Deer is een jonge die in een pot zit te roere, die over het vuur stong. "Wat roer je deer?" zeit ie teuge die...
In de Purmer woonde vroeger een dief, die Pater Tijs genoemd werd, maar dat was toch zoo een rare. Arme mensche deed ie geen kwaad. Zoo kwam ie ers bij een boertje die erg bedrukt was. "Wat scheelt er an?" vroeg ie. "O, we moete morge ƒ1500 betalen en we hebben maar 700." "Da's niks," zei die: "Wanneer komt de leenheer?" "Morgen." "Hoe laat?" "Om vier...
Maar nou moet ik toch weer eens een roovergeschiedenis vertellen. Er was eens een kapitein die erg rijk was. Hij had uitgestrekte landerijen en wanneer hij nu van de reis thuis kwam, dan maakte hij altijd van zijn vacantie gebruik om de pacht te innen. Nu kon hij twee wegen gaan: in de eerste plaats langs een omweg en ten tweede langs een korteren weg,...
Deer was ers een man, in die was handschoenmaker van zijn vak. Hij most van zelf wel beginne toe ie trouwde, dus hij zette zoo een handschoenezaakkie op. Nou had ie een oneerlijke knecht. Zijn zake gonge goed, in hij kreeg onderdehand een paar kindere. Maar hoe goed of zen zake gonge, hai gong toch achteroit. Hai zait dus teuge ze vrouw: "Ik wor bestole."...
Er was er es een dominee - maar het is al heel lang geleden, wat ik je vertel - en die had een knecht. Die knecht was erges aars vandaan ekommen en had zich zoomaar an epresenteerd. Nou, hij beviel goed, maar een ding was er wat vreemd, want hij wou nooit zijn naam zegge. Nou most de dominee voor een tijdje van huis, dat hij zeit: "Jan" (zoo was z'n...
Een tweede verhaal is mijns inziens al even onbelangrijk. Een broer gaat naar de Oost. Zijn rijke broers schamen zich over hem. Hij komt rijk terug, maar houdt zich arm. Zijn zuster, die zelf arm is, ontvangt hem liefderijk, ofschoon hij zich voor een vreemde uitgeeft en alleen maar berichten over haar broer komt brengen. Een zwarte knecht komt er bij in...
In Parijs woonde een voddenraper. Hij had een dochter, die most hem in de vodden helpen. Zij wier zeventien jaar. Een student woonde tegenover haar. Hij werd verliefd, verkeerde in eer en deugd. Zijn ouders wilde geen permissie voor het huwelijk geven. Toe hij klaar was, wou hij toch trouwen. Daar was geld voor noodig. Ofschoon zijn ouders snoefden,...
As je vroeger ies uit evoerd hadde dat niet bij rechtuit was, dan wier je egeeseld en gebrandmerkt. Nou ja, dat weet je ook zelf beter dan ik het je zegge ken. Nou was er een kerel, die had nou wel zoo veel de moeite niet edaan, maar hij wier toch gebrandmerkt. Nou was er een aare kerel, die stool altijd: dat was een groote dief, maar die was nog nooit...
Er was ers een woekeraar, die pikte alles in. Hij had ook een arme weduwvrouw uitgekleed. Op laatst moest zij het huis uitgezet. Nou waren er twee jonge kerels, die mochten haar nog al. Zij besloten den woekeraar op eerlijke manier geld afhandig te maken. Ze verkleedden zich als spoken. Eén klom in de schoorsteen met een kachelpijp voor zijn mond, de...
Een generaal had een oogje op een schoenmakersvrouw. Toen haar man vertrokken was, ging hij binnen. Onverwachts kwam de schoenmaker thuis. De generaal kroop onder de tafel. De schoenmaker ging op de tafel zitten en hamerde er lustig op los. Doordien er een gat in de tafel was, en hij het hoofd voor een kei hield, sloeg hij de generaal dood. Hiermee...
Er was vroeger een koning - we zelle maar anneme, dat ie in De Haag woonde - in die kwam nooit in Nieuwediep of in Hoorn of zukke uithoeke. Nou, dat land deer geeft best vrucht, maar omdat die mensche deer zoo uit eplunderd wiere, liep de boel in het riet, dat alles wier domaingoed, zel ik maar zegge. Maar dat wist de koning niet. Maar wat wil het geval?...
Zoo was er ook ers een nederige vrouw - een meid of een huishouster, dat weet ik zoo recht niet meer. Maar omdat ze zoo goed oppaste, kreeg ze van een hertogin waar ze diende een heel kissie met juweelen, en op 't laast nog een heeleboel geld ook. Toe docht ze: nou gaan ik trouwe en dan ken ik knappies leven. Maar wat wou het? Er man storf gauw, en de...
De broeder van mevrouw Schoemaker rectificeerde ook het verhaal van den arend, u reeds vroeger meegedeeld. Der was ers een jager die zijn zoon Jantje altijd mee op de jacht nam. Hij ging dan altijd onder een grooten boom zitten, zijn boterham op te eten. Op een goeden dag hoorde hij hevig schreeuwen boven zich en hij zag een jongen arend die in de takken...
Nou, den zel ik nag er es een roovergeschiedenis vertellen. Je weet wel dat ze vroeger geen muntjes en bankjes hadde; dan droege ze het geld met een leere riem om het lijf. Nou was er es - we zelle maar zegge - een notaris, die most geld versture. Maar dat ging niet gemakkelijk, want het was een heele sjouw en dan was het nag gevaarlijk ook, want het was...