Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
56 datasets found
Dutch Keywords: drank Organizations: Meertens Institute Place of Narration: Den Haag
Een dronckaert een accident aen't ooch hebbende, soo wiert hem van de doctor geseyt, indien hij 't drincken niet wilde laten, dat hij 't ooch sou moeten verliesen, waerop hij antwoorde: ''t Is beeter een venster als 't heele huys te verliesen.'
Soo de vraeg eens over tafel voorviel of men sijn maelteyt van bier of wijn most beginnen, soo seyde iemant: 'Eerst wijn en daerna geen bier.'
Gillis van Os, 's avonds tot Haerlem over de gemeene tafel sittende, hadde het machtig geladen op de catholycken en spotte vooral leelijck met de miraculen. Wat dat men hem voorsloeg, het waeren al beuselingen. Met al dat drayen en disputeren raeckte hij droncken te bedde en aen 't spuwen. Daegs daeraen: R. 'Wel, wat segt ghij nu? Te nacht is hier noch...
Mattheus Tengnagel raeckte met een van sijn mackers, die soo kael als hij self was, in de kroeg. Men was er vrolijck, maer eyndelijck moest er gelt zijn. R. 'Ey, maet, betael ens voor tweën.' R. 'Doet ghij het eens, ik heb waeragtig geen kleyn gelt etc.' Op het lest moest er het hooge woort ten wederzijden uyt, dat sij allebeyde beroyt waeren. R. 'Wat...
Als iemant van sijn vrienden beschuldigt wiert dat hij sooveel dronck: 'Daer speelt de droes mede', antwoorde hij, 'dat gij altoos spreekt van hoeveel dat ick drincke en noyt en spreeckt van den grooten dorst, die ick geduerig hebbe.'
Yemant in een brandewijnhuys comende, vraegde waerom de brandewijn gedroncken wiert, waerop de vrouw seyde: 'Om 't lichaem te verwarmen.' 'Giet dan voor een stuyver in beyde mijne schoenen', seyde hij, 'want ick heb koude voeten.'
Een meyt die haer meester 's avonts bij 't vier sat en wachte, hadde haer rocken wat boven de knie opgeraept. Hij quam droncken met de sleutel in en vond de meyt slapende. Nadat hij wat gespeculeert hadde, hing hij de kaers daervoor en ging na bedde. Sij, wacker wordende en dese pots siende, ging oock slaepen. De meester, 's nachts wacker wordende en wat...
De burgemeester van Outshoorn, noch schout sijnde, hadde op een tijt al vrij een glaesjen opgenomen sooals hij voor de Nieuwe Marckt quam, konde hij de rechte niet langer houden. Twee diefleyers, die hij achter sich hadt, dit siende, quaemen hem soo wat tersijden onderschraegen. De marcktkauwen, dit van verre siende, riepen: 'Kijck, kijck, daer brengen...
Apero van der Houwen soude met ... van de Moer en Joan Dragon nae Vranckrijck vertrecken. 15 à 16 vrienden, die haer tot Den Hage hadden uytgeley gedaen, wierden daer kostelijck getracteert. Men sprack om op dien selven avondt noch nae Delf te gaen. De convoyers wilden enckel mede, dat was fiat. Van der Houven laet 2 groote vlesschen van die goede wijn...
Iemant met een ambassadeur na Duijtschlant treckende en in een vorstelijcke hofstadt gecomen, droncken sij er niet dan gesuavelde wijn en bier, dat na 't peck van des brouwers ketel smaeckte. Soo d' ambassadeur hierover ettelijcke malen klaegde, sprack hij eyndelijck sijn reysbroeder aen, vragende wat hem van 't leven aen dat hof dachte. Waerop hij...
Een priester eyschte water om in de wijn te doen, maer en dede het daer niet in. Waerover iemant tot hem seyde: 'Mijnheer, wat doet gij met dat water?' Hij seyde: 'Wat doet gij met u degen?' D'ander seyde: 'Daer verweer ick mij mede in tijt van noot.' 'En ick sal het water gebruycken', antwoorde de priester, 'als de wijn den dief begint te stellen.'
Gerbrandt Biervlieg hadde al sijn verstandt versoopen, soodat hij een sletvinck wierdt en alle eerelijcke geselschappen schouwde.' 't Is jammer', seyde David van die vent, 'sie daer komt hij aen, hij druypt daer hij gaet.' R. 'Is het wonder dat het druypt dat staeg nat gemaeckt wordt.'
De schilder Miris, die altemets gaeren een glaesjen dronck, was in Den Hage gekomen om voor Sijn Hoogheyt yets te maecken, maer alsoo hij van hem meer werck als gelt kreeg, soop hij veel en werckte weynig. Eens op een avont dat hij van de edelluyden was droncken gemaeckt, begon hij een hopen deunen te singen. Sijn Hoogheyt quam beneden en hem in dat...
Yemant door den dronck sijn memorie seer gekrenckt hebbende, seyde dat hij niets onthouden kon, versocht derhalven raet bij een quacksalver die hem ordineerde een peeckelharingh nuchteren te eeten. 'Want', seyde hij, 'dan sult gij niet vergeeten te drincken.'
Iemant was bij Duytschen te gast geweest. Als hij daegs daeraen wierdt gevraegt hoe hij het gestelt hadde. R. 'Heel wel, wij droncken altemael na de musyck: Ut, Re, Mi, Fa, Sol, La, Si. In 't eerst droncken wij Utiliter daerna Realiater, doe Mirabiliter, doe Familiariter (bruerysat), daerna Solenniter (op de knie die gesundheyt von die dama) en op het...
Een boer wiert, sooals hij ging om sich te laten scheeren, in de kroeg aengeroepen, daer hij sich soo beseten vol soop dat hij geen 10 stappen uytten huys sijnde, het hachje suyver in de goot leyde en sich bescheet en bespoog. Op dit geluyt en den reuck van dese lieffelijcke vlae komt een varcken aller varckens aen en begint hem de kruymelen uyt de baert...
Een droncke notaris, genaemt Jan, hadt boven de deur van sijn cantoor laten schrijven dese woorden: 'Omnia de super.' 't Was geschreven aldus: 'Oia de super.' Soo daer nu een boer bij hem quam, vraegde de notaris (alsoo de boer gedurich na de deur sagh) of hij Latijn cost, waerop de boer 'neen' seyde, maer dat hij wel cost leesen. De notaris vraegde:...
Een boer hebbende allerley dranck gedroncken, hoorde dat het in sijn pens dapper begon te rommelen, des hij dus uytvoer: 'Sie toe, verdraecht u met elkander, of ick sal u altesamen met een stort in de goot smijten.'
Een man aen taeffel sittende dronck altijt den beeker tot de bôom toe uyt. Sijn vrouw hem daerover bekijvende, seyde hij: 'Och liefste, ick doe dat omdat ick soo gaeren Onsen Lieven Heer sien mach' (dewelcke op de bodem gegraveert stont). de vrouw liet de bodem uytbreecken en een nieuwe in de plaets maecken, waerop de duyvel geschildert stont. De man,...
Mij wiert van yemant een halve pints romer wijn toegebragt. Ik kreeg se en futselde daer wat aen. R. ‘Wat doet gij al?’ R. ‘Ik soeck er met dit mes desen brock uyt te krijgen.’ ‘R. ‘Laet eens sien, wat is het? Ben je geck, drinck maer uyt, het is niet anders als een stuckie van de kraen. De wijn sal daer niet eens nae smaecken.’ R. ‘Wel alsser niet na...