Organizations
Keywords
There are no Keywords that match this search
Danish Keywords
There are no Danish Keywords that match this search
Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords
There are no German Keywords that match this search
Icelandic Keywords
There are no Icelandic Keywords that match this search
Place Mentioned
There are no Place Mentioned that match this search
Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender
There are no Narrator Gender that match this search
Op de optiebeurs loopt een Belgische stagaire rond met een aardappel in zijn borstzakje. Aan het eind van de dag vraagt iemand aan de Belg waarom hij met een aardappel in zijn borstzakje rondloopt.
Zegt de Belg: "Zonder pieper bereik je hier niks."
(RTL4, MOPPENTOPPERS, SEPT. - OKT. 1994)
Zwaan Kleef Aan Er was eens een beeldschone prinses die niet kon lachen. Haar mondhoeken hingen altijd omlaag en nooit klonk er eens een vrolijk giecheltje of een heldere schaterlach uit haar mond. De koning probeerde van alles om zijn dochter aan het lachen te krijgen. Eerst ging hij zelf een paar keer op zijn kop staan. Toen dat niet hielp liet hij...
AB: Waarom kan een blondje geen toiletjuffrouw zijn?
Ze weet niet hoe ze de elektrische handendroger moet vullen.
(SMS ontvangen op 8 oktober 2003; dagelijkse mop van Ab Normaal via SMS na aanmelding met SMSje 'Ab' naar 4141 – 55 Eurocent per ontvangen bericht – afmelden via 'Ab stop')
nl-verhalenbank-39370
Als men in Vranckrijck huwelijksche voorwaerden maeckte, schreef de notaris om de generaele clausule te abbrevieeren 'etc.' R. 'Wat beduyt dat?' R. 'Et caetera. R. 'Et ce taira! Non je n'en says rien etc. En hoe men het haer uytleyde, sij wilde niet teyckenen voor 't verschreven was.
Twee burgemeesters van Zwol ley het geweldigh in de krop dat haer toren van de grote kerck scheef stont. Sij resolveerden met haer eygen krachten dit te rechten. 's Nachts daeraen ten 12 uyren stellen sij het in het werck. Sij hadden haer manteltjes afgeleyt en douwden yder om het seerst, Ondertussen komt er een gaeuwdief en die gaet met beyde de mantels...
Een knegt kocht een eesel in plaets van een paerdt. De heer, seer verstoort, seyde: 'Wat sal ick met dit kleyn, lelijck ding doen?' R. 'Meester, het is noch een jong veulen en soo het voort groeyt na sijn ooren, soo sal 't noch een hoog, schoon en triumphant paert worden.'
Geagte heer, Ik wouw graag solisieteren naar de baan van sekretarese die ik in het kraant heb gesien. Ik can errug snel tiepen met één finger en kan een bietje tellen. Ik denk dat ik wel goet de teelevoon kan opneme en ik weet goed om te gaan met mense. Ja mense reeageren errug goed op mijn. Ik zuuk dus een baan als secreetaresse, maar het moet nie te...
Wat doe je als een dom blondje een granaat naar je gooit?
Pinnetje eruit trekken en terug gooien.
Hoogezand
WB: Ja, maar dat is altijd zo he. [RK: Ja.] He, ik bedoel de Hollanders die vonden de Vlamingen dom...de Schotten vonden de Engelsen dom en-eh, zo ging dat altijd.
RK: Ja....ja.
WB: En 't was altijd onzin.
Een boer die questie hadde over eenig hoy, wierdt geseyt dat sij hem licht op sijn eedt souden setten. R. 'Ha, ha, kan ick het maer op die vorck krijgen, ick sal welhaest in mijn schuyr hebben.'
Den Haag
Die .VI. cluchte. Wy lesen van eenen leeuwe de twe sonen hadde die hi besteden woude. Ende gaf elcken een vrouwe ende elcken een wout daer mede ende dry leeringen. Die souden si soe langhe zy leefden onthouden. 'Ten eersten,' seyde hy, 'verblijt u, lieve kinderen, want alle dieren zijn u onderdanich. Maer wacht u alleen vor den mensche ende en vecht niet...
Een koning van Vranckrijck, op de jaght van sijn volck geraeckt sijnde, quam bij een boer die hij vraechde waer hij heen wilde. Den boer seyde: 'Na Parijs, om den koning te sien.' 'Komt dan met mijn', sey de koning. 'Maer hoe kan ick weeten', seyde de boer, 'wie den koning is?' 'Let daerop: die sijn hoet ophout als alle de andere den hoet afhebben, die is...
Van den man die noten telde op het kerkhof. Daar waren eens twee broers; de een was wijs en de andere gek. Ze hadden tezamen een zak vol noten gestolen. De wijze zei tegen den gekken: "Broer, ga jij nu de noten deelen, dan zal ik in dien tusschentijd dat schaap stelen dat we in het weiland zagen loopen." "Goed," zei de gekke, "dan ga ik een veilig plekje...
Die .VII. cluchte. Niet verre van die sotscappe was een boer die eenen hof hadde daer eenen hase in quam dye hem veel schaden dede, ghelijck die sot meynde. Hy sprack eenen edelen man dye den hase vangen soude. Die edelman quam gereden met vijf oft ses honden in den hof, met grooten gescreye. Maer die hase liep door den tuyne ende ontliept hem. Dese...
Van domme Griet. Griet en Jan woonden samen in een klein huisje. Griet was dom en Jan niet leep, maar toch leefden ze heel gelukkig en tevreden. Eens op een dag moest Griet boodschappen doen en ze ging eerst naar den boer. Daar kocht ze een mooi rond kaasje en lei dat voorzichtig in haar boodschappenmandje. Maar ze dacht er niet om dat zoo'n kaasje zwaar...
De Indianen zijn eigenlijk het eerste volk van Suriname. De grap van de andere volkeren, vooral Surinaamse Creolen, die zeggen: een Indiaan is lui. Maar inderdaad is het zo dat een Indiaan die vroeg aan een buurman van hem: "Kom, laten we een weddenschap houden." En die vraagt: "Welke weddenschap zou dat zijn?" "Ja, wie de luiste is." Zo begint het. Je...
Hoogezand
De wind komt uit den Oosten, Westen en Zuiden. Vivat Bakelorum! We zullen allemaal die Bakelsche boeren uit Helmond sluiten. Vivat Bakelorum! En waarom zouden we dat doen? Vivat Bakelorum! De Bakelsche boeren hebben ons zoo wel bedacht, Ze hebben ons een vet kalf thuis gebracht. Vivat Bakelorum! Ik ben eens getreden Door die schoone versche steden. Vivat...
Een schipper, op zee willende in de sterre kijcken, nam sijn graedboog. 'Meester,' riep een kajuytjongen, 'wat gae je doen?' R. 'Sterren schieten.' Met als hij begost te speculeren schoot er een ster. R. 'Ackerment meester, je hebt er af de eerste schoot een geraeckt.'
Den Haag
Van een roover en een paardenkooper. Een paardenkooper reisde naar alle markten. Dan had hij altijd een groote som geld bij zich in leeren riemen. Zoo ging hij ook weer eens 's avonds naar een groote stad met veel geld bij hem. Voordat hij het bosch inging dat hij door moest, ging hij bij de kastelein eventjes opsteken. Die zei: "Ben-je niet bang?" "Wel...
