Organizations
Keywords

There are no Keywords that match this search

Danish Keywords

There are no Danish Keywords that match this search

Dutch Keywords
Show More Dutch Keywords
German Keywords

There are no German Keywords that match this search

Icelandic Keywords

There are no Icelandic Keywords that match this search

Place Mentioned

There are no Place Mentioned that match this search

Place of Narration
Show More Place of Narration
Narrator Gender

There are no Narrator Gender that match this search

close
71 datasets found
Dutch Keywords: beginnen
Men mat net op in pod traepje, hwant dan bigjint it to tongerjen.
Bij een Jodenfamilie sliep de heele familie samen in een groot bed, vader en moeder met een aantal kinderen in het bed zelf en een daarboven in een krib. Mozesje, die vooraan lag, valt elken nacht uit bed op den grond en weet niet hoe dat komt. Levi, die in de krib leit, zal dus uitkijken. Deze doet dit en merkt, dat het komt, omdat vader en moeder zoo'n...
Der wie in poep oan 't meanen by de boer. De buorlju fan dy boer wienen ek oan 't meanen. De jouns 6 ûre gong de poep al nei hûs ta. Dat wienen de arbeiders net wend. Dy fan 'e buorman seinen tsjin him: "Hwat hâlde jo bitiid op." "Och," sei er, "'s avonds zo laat, daar houd ik niet van, ik ben 's morgens liever wat vroeger." (later) Mar de oare moarns der...
2a. Heel 't Ginneken staat in brand, En ze hebben er geen water, En ze hebben er geen water, En ze hebben er geen water Bij de hand! (Corn. III, 172 2b. Op de Markt staat een steenen pomp van het jaar 1790. Al jaren geeft die pomp geen water meer. Toen in 1923 het dorp tijdens een feest verlicht was, had een grappenmaker er twee borden aan bevestigd. Op...
In Tricht (Ned. Betuwe) diende naast het huis van de verteller in een villa een meid, die, als de familie uit was, het er van nam en bezoek ontving en flink opdischte. Daar in huis was een papegaai, die mijnheer in de keuken ophing om te weten te komen wat daar omging. Hij verklapte dat dan den volgenden dag. Maar de meid had het in de gaten en gooide eer...
Als 't in Wolderen begint te bolderen En in Dommelen Begint te rommelen Dan stee Weerd Gelijk verkeerd. De laatste regels luiden uit de monden van die van Valkenswaard zelf: Dan zijn ze in Weerd Nog niks verveerd. Het rijmpje doelt op de slechte verstandhouding, die tusschen de bewoners deze drie dorpen bestond. Vooral die van Waalre stonden als zeer...
DE DUIVEL VERJAGEN In Woensel zei een smid eens tegen de duivel: 'Mijn ziel is voor u als u in mijn geldbeurs kruipt.' Dat vond de duivel een goedkoop aanbod. Hij veranderde zich in een vlieg en kroop in de beurs. Onmiddellijk legde de smid de beurs op het aambeeld en begon er uit alle macht met een grote voorhamer op te timmeren. En geloof maar dat de...
Een pastoor had met de meid afgesproken, dat hij erwten wilde eten, doch toen hij reeds in de kerk was, was zij vergeten of hij erwten met spek of erwtensoep verlangd had. Zij verzocht dus één der koorknapen dit even voor haar te informeeren. Daar de mis reeds begonnen was, nam de jongen een list te baat en zong: "Mijnheer de pastoor de meid die is...
Der wienen guon, dy hienen in toverboek. Dat wienen ornaris frijmetselers. Dy't dêr yn bigoun to lêzen, koe net wer ophâlde. Dan moest er earst alles wer tobeklêze, earder koed er net ophâlde.
Der wienen in pear ûngetiders by de boer. Dy boer wie gleonhastich as 't ûngetiid wie. Hy hâldde middeis altyd gau op fan iten en dan hâldden de oaren út fatsoen ek op. Mar op in kear, doe't er wer de leppel dellei, ieten de oaren troch. Doe krige de boer de leppel ek wer op en sei: "As it dan dochs op mat, dan bigjin ik ek wer."
2.63. Spokerijen op eenen molen Gedurig werd een mulder, wanneer hij des avonds of in den nacht zijnen molen bemaalde, door heksen in kattengedaante geplaagd, en wel zoo erg, dat hij noch zijn knecht nauwelijks in den molen durfden verblijven. De molenaar vertelde dit geval eens aan een armen rondreizenden molengast (een zoogenaamde hegmulder), die zich...
1.6. De kaartspelers op kerstnacht Om zich niet te verslapen en tijdig gereed te zijn voor de Kerstmis, gaan sommige menschen wel in 't geheel niet naar bed. Al pratende en keuvelende, wordt, onder 't rooken van eene pijp bij de brommende kachel, de koude winternacht gezellIg gesleten, tot de klokketonen waarschuwen, dat de tijd daar is om zich ter kerke...
3.136 In den toren van Nuenen was een nieuwen balk noodig. Een man klom naar boven, en liet door een der galmgaten een touw neder dat om het midden van den daarvoor bestemden balk werd vastgeknoopt. Toen nu die balk naar boven was gehaald, bleeft deze natuurlijk dwars voor het galmgat zitten, en hoe men ook trok de balk bewoog zich niet meer en bleef...
Heden 21 september 1899 hoorde ik, terwijl ik naar Uitdam werd geroeid, van een inwoner dier plaats de volgende geschiedenis: In Nederland woonde vroeger een rijk heer die er een jachtje op nahield. Gedurende eenigen tijd werden van dit schip 's nachts de touwen losgemaakt en deed men zijn natuurlijke behoeften in het ruim. De touwen werden door kettingen...
U weet wel, dat ik voor enkele jaren van de mestkar gevallen ben en dat U mij toen nog behandeld hebt, omdat ik mijn heup bezeerd had? Nou, toen had er al een dag of wat een kikker, of wat wij dachten dat een kikker was, onder den grond zitten laren. Als we op den grond stampten hield het even op, maar kort daarop begon het weer. Nou 's ochtends, toen het...
Ik ha faek yn Grinslân oan 't wurk west by de boer. Dêr fortelden se, dêr wienen spûkskuorren. De minsken dy't dêr leinen, waerden samar fan 't plak smiten. De doarren gongen samar iepen. Waerden se ticht dien, dan waerden se opnei wer iepen smiten. De weinen rollen út harsels op 'e telle om. De tsjernmoune gong midden yn 'e nacht.
Komt een Helmonder bij het arbeidsbureau. “Ik wil werken, hebben jullie een baantje?” “Even kijken,” zegt de man achter de balie en zoekt in zijn bak. “President-directeur van Philips, is dat niet iets?” “Je maakt een grapje zeker,” zegt de Helmonder. “Ja, maar wie begon er?”
Op zift draaien Een man uit Best was op een zondag naar de kermis in Oirschot geweest. Toen hij 's avonds laat naar huis terugkeerde en al een hele poos gelopen had, keek hij op zijn horloge hoe laat het was en mompelde: 'Nog een klein halfuurtje en ik ben thuis.' Toen de man Best bijna genaderd was, kwam hij een oude vrouw tegen. Hij groette haar met...
Je koeie mot je niet op maandag in 't land bringe, dat geeft ongelukke. En je mot nooit met je perseneel op maandag beginne, maar op dinsdag of op zaterdag. En dat woue ze ok wel zegge: "Je mot de koeie vrijdags droogzette", dan kalfde ze overdag.
Ien fan 'e sawn dochters út in gesin is in nachtmerje. De nachtmerje komt troch 't kaeisgat yn 'e huzen. Hja komt yn 'e nacht by de minsken en klimt by har op. Hja bigjint by de fuotten en komt op 't lêst by de hals. Men heart har faek wol oankommen. Set men de toffels mei de hakken tsjin 't bêdsket oan, dan komt se net by jin, wol men ha. Moal struije op...